Begin niet bij je pensioenpot, maar bij je gewenste inkomen later. Pas daarna weet je of €100 per maand genoeg is. Anders geeft het misschien vooral een prettig gevoel.
Voor een ZZP’er bestaat de rekensom uit vier blokken. De blokken zijn AOW, pensioen uit loondienst, je pensioenpot en wat er dan nog mist. Dat laatste is je pensioengat: wat je later tekortkomt, vertaald naar inleg per maand.
De korte rekensom
De vraag “hoeveel moet ik per maand sparen” is eigenlijk deze formule:
| Stap | Wat vul je in? |
|---|---|
| 1 | Gewenst maandinkomen na pensioen |
| 2 | Min je verwachte AOW |
| 3 | Min pensioen dat je al via werkgevers hebt opgebouwd |
| 4 | Min de maanduitkering uit eigen spaargeld of lijfrente die er al is |
| 5 | Het verschil is je maandelijkse pensioengat |
| Stap | Berekening | Uitkomst |
|---|---|---|
| Doel | Gewenst bruto maandinkomen | €3.000 |
| AOW | Volledige AOW alleenstaand, bruto per maand | €1.662 |
| Oud pensioen | Opgebouwd werkgeverspensioen | €350 |
| Eigen pot | €50.000 pensioenkapitaal omgerekend naar maanduitkering | ca. €237 |
| Gat | Wat je nog zelf moet aanvullen €3.000 − €1.662 − €350 − €237 | ca. €751/mnd |
Dit voorbeeld rekent bruto, omdat AOW en werkgeverspensioen meestal bruto worden genoemd. Wil je netto plannen, begin dan met netto bedragen. Let erop dat belastingen, heffingskortingen, Zvw en ander inkomen je uitkomst kunnen veranderen.
Stap 1: kies je gewenste maandinkomen
Veel pensioenartikelen beginnen met een inkomenspercentage; dat kan als grove check. Bij ZZP’ers werkt het vaak matig: omzet is geen inkomen, en winst wisselt per jaar. Ook verdwijnen zakelijke kosten niet allemaal op je pensioendatum.
Begin liever met je verwachte privé-uitgaven:
- wonen, energie, verzekeringen en zorg
- boodschappen, vervoer en abonnementen
- vakanties, hobby’s en hulp aan kinderen
- hypotheek of huur, inclusief de vraag of die later lager is
- extra zorgkosten of eigen bijdragen die je verwacht
Nibud zegt het nuchter. Bouw je als ZZP’er geen aanvullend pensioen via een fonds op? Dan moet je zelf zorgen dat je rondkomt als je stopt met werken. Gebruik Nibud dus als hulp bij je budget, niet als pensioenbedrag dat voor iedereen klopt.
✓ Tip
Werk met één basis: bruto of netto. Bruto kun je makkelijker checken bij SVB en Mijnpensioenoverzicht. Netto voelt dichter bij je uitgaven, maar is gevoeliger voor belasting en je eigen situatie.
Stap 2: trek je AOW af
De AOW is de basis; de SVB noemt vanaf 1 juli 2026 deze brutobedragen. Het gaat om volledige AOW, exclusief vakantiegeld:
| Situatie | Bruto AOW per maand | Vakantiegeld per maand |
|---|---|---|
| Alleenstaand | €1.662,16 | €104,78 |
| Gehuwd of samenwonend, per persoon | €1.139,39 | €74,85 |
Je AOW kan lager zijn als je jaren buiten Nederland hebt gewoond of gewerkt. De simpele regel is 2% minder AOW per niet-verzekerd jaar, maar situaties kunnen afwijken. Controleer dat bij de SVB als dit bij jou speelt.
Voor een stel moet je opletten dat AOW per persoon wordt bekeken. Twee partners met allebei volledige AOW krijgen samen twee keer het samenwonendenbedrag. Eén partner met minder opbouw maakt de rekensom samen meteen anders.
Stap 3: neem oud werkgeverspensioen mee
Veel ZZP’ers hebben al pensioen opgebouwd uit eerdere loondienst. Dat bedrag hoort in je planning, anders reken je jezelf onnodig arm.
Zo pak je het praktisch aan:
- Log in op Mijnpensioenoverzicht.nl met DigiD.
- Kijk naar je ouderdomspensioen bij je pensioenleeftijd.
- Neem het pensioen uit werkgeversregelingen over, niet het totaal inclusief AOW als je AOW apart aftrekt.
- Noteer of het bedrag bruto of netto is.
- Gebruik dezelfde basis in de rest van je berekening.
De site krijgt bruto jaarbedragen en schat daarna netto bedragen. Vakantiegeld, aftrekposten, toeslagen en extra inkomen naast pensioen tellen niet mee.
⚠ Voorkom dubbel tellen
Kopieer niet zomaar het grote totaalbedrag uit Mijnpensioenoverzicht als daar AOW al in zit. In deze rekensom trek je AOW apart af. Neem dus alleen het aanvullende pensioen uit oude werkgevers mee.
Stap 4: zet eigen spaargeld om naar maandinkomen
Een spaarpot van €50.000 is geen maandinkomen van €50.000. Reken die pot eerst om naar een bedrag per maand, anders lijkt je pensioengat kleiner.
Als ruwe planning rekent onze scan tot ongeveer 90, met 3% rendement bij uitkering. Voor iemand die op 67 begint is dat afgerond 23 jaar. Daarmee geeft je bestaande pensioenpot ongeveer dit beeld:
| Huidig pensioenkapitaal | Geschatte maanduitkering |
|---|---|
| €25.000 | ca. €126/mnd |
| €50.000 | ca. €251/mnd |
| €100.000 | ca. €502/mnd |
| €250.000 | ca. €1.255/mnd |
Tel alleen geld mee dat echt voor pensioen bedoeld is. Je bedrijfsbuffer, belastingreserve en noodpot zijn geen pensioengeld, ook niet op dezelfde rekening.
Stap 5: vertaal het gat naar maandelijkse inleg
In het voorbeeld hierboven mist ongeveer €751 per maand. Om dat vanaf je 67e tot ongeveer 90 aan te vullen, heb je kapitaal nodig. Bij 3% rendement terwijl je geld krijgt is dat grofweg €150.000 op je pensioendatum. Dat is dezelfde periode als in de tabel hierboven: afgerond 23 jaar vanaf 67.
Hoeveel je daarvoor per maand moet inleggen hangt vooral af van tijd. Bij 5% nominaal rendement tijdens de opbouwfase ziet hetzelfde gat er zo uit:
| Stap | Berekening | Uitkomst |
|---|---|---|
| Start 35 | 32 jaar opbouw tot 67 | ca. €158/mnd |
| Start 45 | 22 jaar opbouw tot 67 | ca. €312/mnd |
| Start 55 | 12 jaar opbouw tot 67 | ca. €760/mnd |
Dat is waarom een vast percentage van je omzet zo grof is. Dezelfde pensioenwens vraagt om een heel ander maandbedrag als je 35, 45 of 55 bent.
Vuistabel: maandelijkse inleg bij verschillende gaten
Deze tabel gebruikt dezelfde aannames. Je bouwt op tot 67 jaar, met 5% nominaal rendement in de opbouwfase. Daarna volgt uitkering tot ongeveer 90 jaar bij 3% rendement. Het zijn bedragen voor je plan, geen garantie.
| Maandgat vanaf pensioen | 30 jaar opbouwen | 20 jaar opbouwen | 10 jaar opbouwen |
|---|---|---|---|
| €500/mnd | ca. €120/mnd | ca. €242/mnd | ca. €641/mnd |
| €750/mnd | ca. €180/mnd | ca. €363/mnd | ca. €962/mnd |
| €1.000/mnd | ca. €239/mnd | ca. €485/mnd | ca. €1.283/mnd |
De tabel laat de keerzijde zien: laat beginnen maakt de rekensom krapper. Dan kies je tussen meer inleggen, langer doorwerken of een lager doelinkomen. Bestaand vermogen inzetten kan ook, of een combinatie daarvan.
Wat als je inkomen wisselt?
Bij ZZP hoort wisselend inkomen, dus een maandbedrag kan later te hoog zijn. Bijvoorbeeld na een rustige zomer of een late betaling.
Een werkbare aanpak is daarom:
- Kies een vaste minimale inleg die ook in matige maanden lukt.
- Zet per kwartaal extra bij als de omzet beter is dan verwacht.
- Controleer jaarlijks je jaarruimte voordat je grote bedragen fiscaal aftrekt.
- Hou belastingreserve en buffer apart, zodat pensioeninleg niet concurreert met je btw of inkomstenbelasting.
Voor veel ZZP’ers is volhouden nuttiger dan één perfect berekend bedrag. €250 per maand volhouden is beter dan €900 per maand en na drie maanden stoppen.
ℹ Jaarruimte is de fiscale bovengrens
Je berekende maandinleg is je planningsbedrag; je jaarruimte bepaalt hoeveel je fiscaal mag aftrekken. Jaarruimte is het bedrag dat je fiscaal mag inleggen. Een lijfrente is een geblokkeerde pensioenrekening of verzekering. Is je benodigde inleg hoger dan je jaarruimte? Dan kan de rest nog via vrij sparen of beleggen, maar zonder dezelfde belastingregels.
Wanneer is het bedrag te hoog?
Soms komt er een maandbedrag uit dat gewoon niet past. Dan is de rekensom niet mislukt; hij vertelt dat je aannames met elkaar botsen.
Je kunt dan aan vijf knoppen draaien:
- later stoppen met werken, waardoor je langer opbouwt en korter overbrugt
- lager doelinkomen kiezen, als je toekomstige lasten echt lager zijn
- bestaande vrije beleggingen of spaargeld deels bestemmen voor pensioen
- in goede jaren extra storten, vooral als je jaarruimte of reserveringsruimte hebt
- accepteren dat je een deel van het gat niet dichtzet
Dat laatste klinkt niet aantrekkelijk, maar is eerlijker dan doen alsof incasso elk pensioengat oplost.
Gebruikte bronnen
- SVB, AOW-bedragen vanaf 1 juli 2026, gecontroleerd op 1 juli 2026.
- SVB, nieuwsbericht AOW-bedragen vanaf juli 2026, gecontroleerd op 1 juli 2026.
- SVB, AOW-leeftijd, gecontroleerd op 1 juli 2026.
- Mijnpensioenoverzicht.nl, Uitleg bruto en netto berekening, gecontroleerd op 1 juli 2026.
- Nibud, ZZP en pensioen, gecontroleerd op 1 juli 2026.
- ZZP Pensioenplanner, interne rekenaannames pensioenscan en scenariotool: 5% nominaal rendement bij opbouw, 3% rendement bij uitkering, uitkering doorgerekend tot ongeveer 90 jaar.
Dit artikel is algemene informatie voor pensioenplanning. Het is geen persoonlijk financieel advies en geen productadvies.